maandag 6 februari 2012

Beeldaspecten

Hieronder lees je een beschrijving van de beeldaspecten en voorbeelden daarvan. Dat betekent niet dat je het letterlijk zo moet doen. Onderzoek hoe je de beeldaspecten zo in kunt zetten dat jullie concept het beste uit de verf komt. Dus experimenteer!! En als jullie het echt niet meer weten spiek dan gerust even!

Compositie (ofwel vlakverdeling):
De compositie van een kunstwerk is de manier waarop de objecten geordend zijn.  Compositie is een zeer belangrijk onderdeel van het werk van alle beeldend kunstenaars, grafisch vormgevers, filmregisseurs, fotografen en musici. Door de compositie kan je bepaalde dingen laten opvallen (aandachtspunten) of bijzondere effecten bereiken. De compositie heeft grote invloed op de andere vormgevingsaspecten zoals kleur, licht/donker en ruimtelijkheid. Door een bepaalde compositie kan bewegingssuggestie of ruimtesuggestie ontstaan.

Kadrering:
Het beeld in de zoeker van de camera bepaalt het kader of de uitsnede die later als foto wordt afgedrukt. Door middel van kadrering bepaal je de compositie van een foto. Met onverwachte afsnijding kun je de spanning van een foto vergroten. De levendigheid van een foto wordt ook vergroot wanneer het belangrijkste gedeelte van het onderwerp niet precies in het midden op de foto staat.

Belichting:
Belichting van een tafereel en het spelen met de effecten van belichting zijn belangrijke onderdelen van fotografie. Bij te weinig licht (onderbelichting) krijg je donkere foto’s en bij te veel licht krijg je te lichte foto’s (overbelichting). Daglicht of kunstlicht hebben een heel verschillende kleur houdt daar rekening mee.

Standpunt:
Het standpunt is de plaats van waaruit een kunstenaar of fotograaf iets heeft bekeken en afgebeeld. Een standpunt kan hoog of laag zijn.  Een object kan er heel anders uitzien als je het van boven of juist van onderen bekijkt. Het standpunt van de foto heeft ook invloed op de hoe de kijker bij de foto betrokken wordt. Bijv. er is op ooghoogte een foto genomen van een man in een landschap die met zijn rug naar de kijker toe is afgebeeld. Het effect is dan dat de kijker als het ware ‘meekijkt’ met de man in de foto en denkt dat hij achter de man staat. Onbewust neemt de kijker dan ook een standpunt in de foto in van waaruit hij het bekijkt.

Lijnwerking:
Door het gebruik van lijnen kunnen bepaalde effecten worden bereikt. Er kan:
·         Diepte (perspectief) of richting worden gesuggereerd,
·         Beweging worden gesuggereerd,
·         Een statisch, stabiel effect worden bereikt door horizontale en verticale lijnen,
·         Onrust en beweging worden gesuggereerd door schuine en diagonale lijnen.